maandag 21 juli 2008

Dag 14; Lillooet

Vanmorgen zijn we om 8:00 uur gaan rijden via Kamloops en Cache Creek naar Lillooet. Dit ging via een leuke highway wat af en toe ietwat hobbelig was. Het landschap is hier weer compleet anders dan waar we vandaan komen. Hier doet alles wat meer aan een woestijn denken, het oude wilde westen maar de weggetjes slingeren wel weer leuk. Onderweg komen we ook nog een paar goederen treintjes tegen en we konden de wagons niet allemaal tellen, maar we schatten dat het er ongeveer 200 moeten zijn. En dat zijn dus wagons met een dubbele lading zeecontainers er op. Kun je nagaan wat voor lengte dit moet zijn. (Naar schatting moet het ongeveer 3,4 kilometer lang zijn…)

In Lillooet aangekomen moeten we onze camping eerst zien te vinden. Hmm, geen bordjes of zo te zien. Wel van het informatiecentrum, dus daar maar direct heen. Gelukkig waren die open en kregen we uitgebreide informatie van ze wat er allemaal te doen is, en waar onze camping is. Bleek dus dat we dit al voorbij waren gereden. Wij maar weer teruggereden maar niemand aanwezig op de campground. Wel een selfregistration formulier dus dat maar ingevuld. Gelukkig was er nog één plekje vrij aangezien de reservering niet was aangekomen. Correctie, net even de mail gecheckt en we hebben inderdaad een boeking :)

Daarna nog even het stadje in geweest om rond te kijken en te lunchen. Het is hier rond de 32 graden en het is bloedjeheet. Rustig aan doen dus. Na de lunch – die erg goed is bevallen – zijn we weer verder gereden om naar de Old Bridge (de Ouwe Brug) te gaan. Deze hangbrug was van 1913 tot 1981 de enige brug naar Lillooet toe, en werd vervangen door de betonnen ‘Bridge of the 23 Camels’ (de brug van de 23 kamelen – dromedarissen eigenlijk maar dat is weer een ander verhaal). De brug is alleen toegankelijk voor voetgangers en fietsers en gemotoriseerd verkeer mag er niet overheen.

’s Avonds hebben we vrij weinig meer gedaan behalve dan lezen, foto’s overzetten en de weblog aanpassen, waarvan hier het resultaat. Morgen gaan we verder rondkijken wat er allemaal te doen is.

zondag 20 juli 2008

Dag 13; Wells Gray Provincial Park en meer…

Voor de tweede dag zijn we nu in het Wells Gray Provincial Park en we zijn nu naar het Noordelijkste deel gegaan waar een aantal bezienswaardigheden zijn. Het eerste is Ray’s Farm. Hier heeft de familie John en Alice Ray samen met hun kinderen Doug, Bob en Nancy als boeren het land bewerkt van 1932 tot 1946. Dit waren dus echte pioniers, want tot die tijd had niemand dit land ooit betreden. In 1947 is John overleden en samen met zijn vrouw liggen ze nog steeds bij hun huis begraven.

We hebben hier nog een route gevolgd die verder liep naar Alice Lake. We ware de enigen die hier liepen, en aangezien hier nog wel eens beren voorkomen… In Nederland mag je al blij zijn dat je ergens alleen kunt lopen en dat je dan heeeeeel in de verte nog een glimp van een wild zwijn of hert ziet, maar hier kun je dus van alles tegen komen. Gelukkig zijn we geen beren of nog erger elanden tegen gekomen en vonden we onze camper na een dik uurtje weer terug.


Nadat we even een broodje hadden verorberd zijn we verder gereden naar Bailey’s Chute – heeft niets te maken met het gelijknamige alcoholische versnapering – en na een korte wandeling van 5 minuten kwamen we aan bij deze stroomversnelling. Het bijzondere hiervan is dat elke herfst de zalm hier weer naar toe trekt en zich een baan worstelt tegen de stroom in om weer naar hun geboortegrond terug te trekken. Op zich is dit niet bijzonder, totdat je ziet met wat voor een enorme kracht dit water naar beneden wordt gegooid. Een mens zou direct mee worden gesleurd zonder ook maar iets te kunnen doen, maar deze zalm niet. Deze zwemt en springt er bij omhoog om vervolgens verder te gaan. Helaas zijn er ook tal van vissen die dit niet redden en ook mee worden getrokken om vervolgens verder op hun sterfplek te vinden. Alle jonge vissen die hier worden geboren gaan weer mee naar open zee om het volgens jaar het zelfde te gaan doen. Wondere wereld…

Na dit overweldigend verschijnsel zijn we weer terug gereden naar onze camping om een rustige middag tegemoet te zien. Op ongeveer 15 kilometer voor onze camping had iemand waarschijnlijk iets verloren wat op een deurtje leek met daaraan nog de scharnieren. Helaas konden we dit niet meer helemaal ontwijken en we reden er dus ook over heen. Het was wel even een klap, maar verder niets ernstigs. We konden nog gewoon doorrijden en de stuureigenschappen waren ook niet anders. We waren nog van plan om naar de Saphats Falls te gaan, maar beide hadden we al liever dat we maar naar de camping gingen. Gelukkig maar want op de camping aangekomen wilde ik het water en spanning aansluiten toen ik de rechter voorband langzaam ineen zag storten. Deze was dus lek geraakt. Gelukkig dat we niet meer waren gestopt bij de Saphats Falls anders hadden we daar dus gestaan met een lekke band. In de boekjes van het verhuurbedrijf hadden we al gelezen dat er geen gereedschap was meegeleverd met de camper om zelf een band te verwisselen en dat we hen moesten bellen. Dus wij dat maar gelijk doen en binnen een half uurtje stond er dus ook iemand van de Canadese Quickfit bij ons op de camping. De meneer van KalTire.com had onze band er ook zo om weg en ik moest even met hem mee om naar de garage te gaan. Hij de band repareren, ik 71 dollar betalen – die we waarschijnlijk weer terugkrijgen van de verhuurbedrijf – en wij weer terug naar de camper waar alles na een uurtje weer helemaal in orde was.

Na dit avontuur een poging gedaan om de volgende campings te reserveren, telefoneren ging niet, internet weer wel, maar je krijgt dan een bevestiging binnen 24 uur. Nou, dan hoop ik al op de camping te zijn…

Verder een leuke avond gehad met bezoek van onze buren. Wijntje er bij, kampvuurtje aan en lekker buiten zitten kletsen over Canada. Morgen gaan we naar Lillooet waar we hopelijk nog twee nachten kunnen blijven. Daarna gaan we door naar Squamish om vervolgens naar Vancouver te rijden. Maar nu begint het toch te dicht bij de terugreis te komen dus stop ik nu maar.

Update: het is nu 7:30 uur en heb net de mail gecheckt maar uiteraard nog geen bericht gehad. Dus we zullen maar direct heen moeten rijden. We zullen zien. Hopelijk hebbeb ze nog wat plek voor ons, anders moeten we gaan zoeken.

Dag 12; Captain's log supplemental…

Ok, vroeger te veel naar Star Trek gekeken. Maar nog even een toevoeging op dag 12. ’s Avonds was het heerlijk weer voor een lang avondje buiten zijn. Nicolina heeft het kampvuur gemaakt en we hebben hier nog een aantal uurtjes van kunnen genieten met een heerlijk wijntje van Canadese bodem.

zaterdag 19 juli 2008

Dag 12; Watervallen en muggen

Om 6:30 uur ging de wekker van de mobiel al. Dat krijg je als je geen bereik hebt en je gaat door een tijdzone. Normaliter synchroniseert hij zichzelf met de juiste tijd, maar nu dus niet. Dus in plaats van 7:30 uur was het dus een uur eerder; 6:30 uur. Ik vond het al zo rustig op de camping, en nadat ik het geverifieerd had met de horloge die we dus wel goed hadden gezet, konden we weer een uurtje gaan slapen.

Na het ontbijt hebben we de camper gepakt en zijn het Wells Gray Provincial Park in gereden richting het noorden waar een groot aantal watervallen te zien zijn. We wilden beginnen bij de Helmcken Falls op 47 km afstand van onze camping. Onderweg begon het aardig te regenen en we dachten dat onze dag ook in het water zou vallen, maar niets bleek minder waar. Toen we aankwamen begon het wonderwel droog te worden en af en toe kwam het zonnetje er zelfs bij. De Helmcken Falls is met 137 meter tweeënhalf maal zo hoog als de Niagara (heb ik nog niet na kunnen meten…) en het mooiste van het Park.


Na de Helmcken Falls zijn we terug gereden naar de Dawson Falls die iets minder hoog zijn – slechts 5 meter – maar wel iets breder, ongeveer 91 meter.


Hierna zijn we verder gereden en hebben een afslag genomen de bergen in om naar Green Mountain Tower te gaan. Deze route loopt via een slingerend gravel / modderpad maar we zijn heel boven gekomen. Bovenaan staat een uitkijktoren waar je een mooi overzicht hebt over de hele omgeving. Hier begon het weer even te regenen, maar dit was een buitje van ongeveer 10 minuten. Even lunchen kan dan ook geen kwaad.


De Moul Falls zijn wat lastiger te bereiken, nou ja, een wandeling van 45 minuten en dan ben je er al. Hier kun je echt dicht bij de watervallen komen. Als de hoeveelheid water iets minder is, kun je er zelfs in zwemmen en kun je achter de watervallen komen. Hebben we nu maar niet gedaan. Maar het is wel spectaculair om te zien. Helaas zijn de hoeveelheid muggen iets minder leuk om mee te maken. Ze schijnen hier 30 verschillende soorten muggen te hebben; een aantal zijn irritant, en de rest prikt én is irritant.

vrijdag 18 juli 2008

Dag 11; Clearwater

Vanmorgen wakker geworden van de regen maar die trok gelukkig al weer snel weg om plaats te maken voor de zon. Tot op heden hebben we alleen een paar buitjes gehad en ook nog eens niet zo veel. De spullen weer ingepakt en op pad gegaan naar Clearwater wat een 240 kilometer verderop ligt. Onderweg passeren we de tijdzones weer en zo heb je weer een uur gewonnen ? Dus kom je rond 13:15 uur aan in Clearwater waar we de camping hadden gereserveerd en kunnen we zo inchecken. De eigenaren heten Huybregts en ze hebben inderdaad Nederlandse voorouders. Zijn vader en moeder komen uit Kaatsheuvel en zijn hier naar toe geëmigreerd.
’s Middags lekker rustig aan gedaan want het is aardig warm hier; geen idee hoeveel graden, maar zal me niets verbazen als het naar de 30 graden loopt. Nog even gemidgetgolft (spel je dat zo???) – stokkie, balletje, gaatje – en daarna lekker luieren. Morgen wordt het weer een actieve dag.

Dag 10; Jasper en het ijs

We hebben besloten om maar 1 dag op de natuurcamping te blijven en onze reis te vervolgen naar Jasper. Zoals gisteren gezegd zijn we eerst nog naar het Peyto Lake gegaan wat volgens de boekjes erg mooi moet zijn. Via een korte wandeling van ongeveer 20 minuten kom je op een uitzichtpunt uit waar je inderdaad een verbluffend uitzicht hebt over het meer. Het begint al aardig eentonig te worden hier in Canada. Alles is groot en mooi. Maar dit is inderdaad een schitterend meer.


Hierna pakken we de auto weer en rijden nu noordelijk richting Jasper om halverwege de Icefield Parkway aan te gaan bij het Icefield Center. Hier bij de Columbia Icefields vindt je een aantal gletsjers bij elkaar waar je op kunt met behulp van speciale ijsbussen. Deze voertuigen zijn eigenlijk ontwikkeld voor de olie industrie om op plekken te komen waar je normaal gesproken niet kunt komen. Ze hebben ontzettend grote wielen waar weinig lucht in zit om zoveel mogelijk grip te krijgen op het ijs. Met een schamel vermogen van slechts 250 pk en een koppel van hier tot Swifterbant, kunnen ze dus moeiteloos een helling aan van 18 graden (die we dus ook nemen…) Boven op de gletsjer aangekomen worden we met z’n allen losgelaten op het ijs. Het is indrukwekkend hoe groot en massief die gevaarte is. Ons wordt afgeraden om de gletsjer verder op te lopen aangezien er grote scheuren in het ijs kunnen zitten van wel 100 meter diep. Deze scheuren kunnen bedekt zijn met een dun laagje sneeuw zodat je ze niet kunt zien. We blijven dus – zo laf als we zijn – maar lekker achter de oranje pionnetjes die ze hebben uitgezet… Ze vertellen ons nog wel dat we geluk hebben omdat het vandaag een van de mooiste dagen is de ze gehad hebben met 15 graden Celsius. We zijn dus ook maar al te blij met onze jassen die we gekocht hebben in Banff.




Na de terugtocht hebben we gauw de auto weer gepakt en zijn we naar Jasper gereden. Helaas bleek de camping die we op het oog hadden geen vrije plaatsen meer te hebben met zogenaamde full hookups dat wil zeggen met water, electra en afvoer, en ook geen plaatsen meer met alleen electra, dus dan maar helemaal zonder. We konden ons afval water nog wel dumpen, dus dat scheelt ook wel weer.

Morgen willen we naar Clearwater en de camping daar kunnen we al reserveren, dus dat doen we dan ook maar gelijk. Gelukkig heeft de mobiel nog 1 streepje bereik dus pakken we dat maar met beide handen. Die is gelukkig geregeld, weer een zorg minder voor morgen.
Op de camping hebben we ons nog wel kunnen douchen (drie seconden water en dan weer op de knop drukken, is erg lekker als je ogen vol met zeep zitten). Op de terugweg
naar de camper komen we tot onze verbazing op eens een gezinnetje wapities tegen. Deze dieren lijken op herten maar zijn zo groot als een paard. Is toch wel bijzonder
om dit wildlife van zo dicht bij te zien. Ze blijven rustig grazen en kijken niet echt meer op van een paar pas gedouchte Hollanders die hen rustig voorbij loopt. Het
blijft een bijzonder land…

Dag 9; BEREN!

Vanmorgen eerst uitgeslapen voordat we op pad gingen. In Banff hebben we nog even boodschappen gedaan en door het stadje gelopen. Daarna hebben we de koers gezet richting Abraham Lake via de Bow Valley Parkway, met de hoop dat we nu misschien beren te zien krijgen. Maar helaas, ook dit keer zien we ze niet, terwijl dit toch de weg moet zijn waar je de grootste kans hebt om ze te kunnen zien.


Na de Bow Valley Parkway vervolgen we onze route via Highway 1 om na Bow Lake een aantal auto’s aan de kant van de weg te zien staan. En ja hoor, naast de snelweg lopen twee bruine beren op zoek naar eten. De almaar groeiende groep auto’s kan hen niet deren en ze blijven onverstoorbaar verder zoeken. We hebben er gelukkig foto’s van en zijn aardig happy omdat we nu toch nog beren hebben gezien.

Vol goede moed nemen we bij Lake Louise de afrit naar Highway nummertje 11. Tot we op een gegeven moment weer een auto aan de kant van de weg zien staan. Wij ook vol in de ankers – gelukkig kwam er niets achter ons aan – en ook weer stil staan en nu voor een zwarte beer! Dit is dus met rechte een beregoeie dag voor ons. Ook hier hebben we gelijk weer foto’s van gemaakt. Na deze happening reden we weer verder om na ongeveer 50 meter weer een zwarte beer te zien, maar nu aan onze kant van de weg. Zo zie je er geen enkele, en zo zie je gelijk vier beren gewoon aan de kant van de snelweg.

Vandaag kiezen we voor een natuurcamping, dat wil zeggen een camping ergens in de bossen zonder water, elektriciteit, afvoer en internet (zucht…) Er is niemand bij het kantoortje dus moet je zelf registreren door je gegevens in te vullen en 12 dollar in een enveloppe te doen die bij het kantoortje staat. Ze zijn hier wel goed van vertrouwen.

Na het eten nog even rondwandelen, boekie lezen, foto’s importeren, verslag typen en koppie thee drinken om daarna vroeg naar bed te gaan. Morgen willen we naar de Columbia Icefields en Peyto Lake, dit moet het mooiste meer zijn van de Rockies.